Maatschappelijke thema’s in het burgerschapsonderwijs
Wij vroegen havo- en vwo-scholieren hoe belangrijk zij het vinden dat hun toekomstige onderwijsinstelling aandacht besteedt aan maatschappelijke thema’s, zoals mentale gezondheid, diversiteit en inclusiviteit en duurzaamheid. Verschilt dit tussen jongens en meisjes en tussen havisten en vwo’ers?
Wij vroegen havo- en vwo-scholieren hoe belangrijk zij het vinden dat hun toekomstige onderwijsinstelling aandacht besteedt aan maatschappelijke thema’s, zoals mentale gezondheid, diversiteit en inclusiviteit en duurzaamheid. Verschilt dit tussen jongens en meisjes en tussen havisten en vwo’ers?
Sinds 2021 hebben scholen in het voortgezet onderwijs een aangescherpte wettelijke opdracht om burgerschapsonderwijs doelgericht en samenhangend vorm te geven[i]. Hierbij leren leerlingen onder andere om respectvol om te gaan met verschillen tussen mensen en na te denken over hun rol in de samenleving. Maatschappelijke thema’s zoals mentale gezondheid, diversiteit en inclusiviteit en duurzaamheid bieden aanknopingspunten om hierover met leerlingen in gesprek te gaan.
Deze thema’s spelen ook een rol bij de studiekeuze van jongeren. Uit eerder onderzoek blijkt dat ongeveer de helft van de scholieren aangeeft dat maatschappelijke thema’s invloed hebben op hun studiekeuze. Zo wil 20% van de havisten en 28% van de vwo’ers niet kiezen voor een onderwijsinstelling die banden heeft met grote vervuilende bedrijven[ii].
Ook op het gebied van mentale gezondheid en seksuele diversiteit zijn er ontwikkelingen zichtbaar onder jongeren. Dit blijkt onder andere uit het HBSC-onderzoek (Health Behaviour in School-aged Children), een grootschalig onderzoek naar de gezondheid en het welzijn van scholieren. Hieruit blijkt dat meisjes in het voortgezet onderwijs meer mentale problemen ervaren dan jongens. Daarnaast is het aandeel scholieren met een positieve houding tegenover homoseksualiteit tussen 2021 en 2025 afgenomen. Onder jongens daalde dit van 40% naar 22% en onder meisjes van 78% naar 51%[iii].
Deze ontwikkelingen bieden aanknopingspunten om binnen het burgerschapsonderwijs aandacht te besteden aan maatschappelijke thema’s en verschillende perspectieven bespreekbaar te maken. Gebruik hiervoor bijvoorbeeld het document 'Ga in gesprek'. Maar hoe belangrijk vinden scholieren het zelf dat hun toekomstige onderwijsinstelling aandacht besteedt aan deze onderwerpen?
Wat verwachten scholieren van hun toekomstige onderwijsinstelling?
Om dit te onderzoeken, legden we bovenbouwleerlingen van havo (klas 4 en 5) en vwo (klas 4, 5 en 6) die gebruikmaken van Qompas Studiekeuze drie stellingen voor. Deze leerlingen bevinden zich in een fase waarin zij zich oriënteren op hun vervolgstudie. Met de stellingen onderzochten we in hoeverre zij het belangrijk vinden dat onderwijsinstellingen aandacht besteden aan (1) mentale gezondheid, (2) diversiteit en inclusiviteit en (3) duurzaamheid. Daarnaast keken we of hierin verschillen bestaan tussen jongens en meisjes en tussen havisten en vwo’ers.
In totaal namen 900 scholieren deel aan het onderzoek. Vwo’ers (67%) waren hierin sterker vertegenwoordigd dan havisten (33%). We hebben geen weegfactor toegepast voor schoolniveau, maar wel onderzocht of de resultaten verschillen tussen beide groepen. Ook waren meisjes (63%) sterker vertegenwoordigd dan jongens (37%). Om hiervoor te corrigeren, hebben we een weegfactor voor geslacht toegepast, gebaseerd op cijfers van het CBS[iv].
Het onderzoek is uitgevoerd aan de hand van een vragenlijst. Scholieren konden op een vierpuntsschaal, van ‘helemaal mee eens’ tot ‘helemaal mee oneens’, aangeven in hoeverre zij het eens waren met de stelling ‘Ik vind het belangrijk dat een onderwijsinstelling aandacht besteedt aan…’ De drie maatschappelijke thema’s werden daarbij afzonderlijk voorgelegd.
Wat blijkt uit ons onderzoek?
De resultaten laten zien dat scholieren overwegend belang hechten aan aandacht voor de drie maatschappelijke thema’s binnen onderwijsinstellingen. Wel bestaan er verschillen naar gender en schoolniveau.
Mannelijke en vrouwelijke scholieren verschillen in hoeveel belang zij hechten aan aandacht voor mentale gezondheid binnen onderwijsinstellingen, zie Figuur 1. Meisjes hechten hier significant meer belang aan dan jongens (p < .001). Van de meisjes vindt 96% het (een beetje) belangrijk dat een onderwijsinstelling aandacht besteedt aan mentale gezondheid, tegenover bijna 89% van de jongens. Vooral bij ‘helemaal mee eens’ is het verschil duidelijk: 58% van de meisjes tegenover 41% van de jongens. Mogelijk speelt hierbij een rol dat meisjes volgens het HBSC-onderzoek vaker mentale klachten ervaren dan jongens[iii]. Dit zou kunnen bijdragen aan het grotere belang dat zij hechten aan aandacht voor mentale gezondheid binnen onderwijsinstellingen.
Ook bij diversiteit en inclusiviteit verschillen jongens en meisjes in hoeveel belang zij hechten aan aandacht hiervoor binnen onderwijsinstellingen, zie Figuur 2. Meisjes hechten hier significant meer belang aan dan jongens (p < .001). Ruim 90% van de meisjes vindt het (een beetje) belangrijk dat een onderwijsinstelling aandacht besteedt aan diversiteit en inclusiviteit, tegenover ongeveer 75% van de jongens. Vooral bij ‘helemaal mee eens’ is het verschil groot: 50% van de meisjes tegenover 29% van de jongens. Ook het HBSC-onderzoek laat verschillen tussen jongens en meisjes zien, maar dan specifiek in hun houding tegenover homoseksualiteit[iii]. Hoewel beide onderzoeken verschillende aspecten van diversiteit en inclusiviteit belichten, laten ze allebei verschillen tussen jongens en meisjes zien. Tussen havisten en vwo’ers is geen significant verschil gevonden.
Bij duurzaamheid zien we een significant verschil tussen havisten en vwo’ers (p = .013). Vwo’ers hechten meer belang aan aandacht voor duurzaamheid binnen onderwijsinstellingen dan havisten. Vooral het aandeel scholieren dat het hier helemaal mee eens is, verschilt: 36% van de vwo’ers tegenover 27% van de havisten, zie Figuur 3. Een vergelijkbaar verschil tussen havisten en vwo’ers komt naar voren in het eerdergenoemde onderzoek naar de rol van duurzaamheid bij de studiekeuze. Daarin gaf 28% van de vwo’ers aan niet te willen kiezen voor een onderwijsinstelling die banden heeft met grote vervuilende bedrijven, tegenover 20% van de havisten[ii]. Ook daar lijkt duurzaamheid dus een grotere rol te spelen onder vwo’ers dan onder havisten. Tussen jongens en meisjes is geen significant verschil gevonden.
Conclusie
Uit ons onderzoek blijkt dat de meerderheid van de bovenbouwleerlingen van de havo en het vwo het belangrijk vindt dat onderwijsinstellingen aandacht besteden aan maatschappelijke thema’s. Vooral mentale gezondheid krijgt veel steun: 96% van de meisjes vindt aandacht hiervoor (een beetje) belangrijk. Meisjes hechten significant meer belang aan dit thema dan jongens. Ook bij diversiteit en inclusiviteit zien we een significant verschil tussen jongens en meisjes, waarbij meisjes hier meer belang aan hechten. Bij duurzaamheid zien we juist een verschil tussen schoolniveaus: vwo’ers hechten hier significant meer belang aan dan havisten.
Voor docenten en decanen bieden deze resultaten aanknopingspunten om binnen het burgerschapsonderwijs aan te sluiten bij de leefwereld van leerlingen. De gevonden verschillen tussen groepen scholieren kunnen bijvoorbeeld aanleiding geven om verschillende opvattingen en ervaringen bespreekbaar te maken. Ook binnen de studiekeuzebegeleiding kunnen leerlingen nadenken over hoeveel belang zij hechten aan aandacht voor maatschappelijke thema’s bij hun toekomstige onderwijsinstelling.
Met Qompas voor de klas kunnen docenten deze onderwerpen concreet behandelen[v]. Zo bieden de lessen Paarse Vrijdag en Gender en Inclusiviteit ruimte om met leerlingen in gesprek te gaan over diversiteit en respectvol omgaan met verschillen. Ook duurzaamheid komt aan bod, bijvoorbeeld in de les Energie besparen. In het burgerschapsdossier kunnen leerlingen vervolgens reflecteren op hun eigen opvattingen en ontwikkeling.
Door aan te sluiten bij wat leerlingen belangrijk vinden, kunnen docenten maatschappelijke thema’s betekenisvol bespreken en leerlingen stimuleren om na te denken over hun eigen opvattingen en verwachtingen van het vervolgonderwijs.
Discussie
Bij het interpreteren van de resultaten is het belangrijk om rekening te houden met enkele beperkingen van het onderzoek.
Ten eerste bestaat onze steekproef uitsluitend uit bovenbouwleerlingen van havo en vwo die gebruikmaken van Qompas Studiekeuze. Hierdoor geven de resultaten geen volledig beeld van alle Nederlandse scholieren. Aanvullend onderzoek onder bijvoorbeeld vmbo-leerlingen kan een vollediger beeld geven van het belang dat jongeren hechten aan maatschappelijke thema’s binnen onderwijsinstellingen.
Ten tweede zijn de resultaten gebaseerd op zelfgerapporteerde gegevens. De antwoorden van scholieren kunnen beïnvloed zijn door sociale wenselijkheid en hoeven niet altijd overeen te komen met hun daadwerkelijke gedrag.
Daarnaast is het belangrijk om onderscheid te maken tussen het belang dat scholieren hechten aan maatschappelijke thema’s en de daadwerkelijke invloed hiervan op hun studiekeuze. We hebben uitsluitend onderzocht hoe belangrijk scholieren het vinden dat onderwijsinstellingen aandacht besteden aan deze thema’s, niet of dit hun studiekeuze daadwerkelijk beïnvloedt. Vervolgonderzoek kan hier meer inzicht in bieden.
Een sterk punt van dit onderzoek is dat we het belang van drie verschillende maatschappelijke thema’s binnen onderwijsinstellingen in kaart brengen. Door daarnaast onderscheid te maken naar gender en schoolniveau, krijgen we meer inzicht in hoe verschillende groepen scholieren tegen deze thema’s aankijken.
Bronvermelding
[i] Inspectie van het Onderwijs. (z.d.). Wettelijke opdracht burgerschap. Geraadpleegd via https://www.onderwijsinspectie.nl/onderwerpen/burgerschap/wettelijke-opdracht
[ii] Markteffect (2025). Hoe AI, geldzorgen en andere maatschappelijke thema’s de studiekeuze van scholieren kleuren. Geraadpleegd via https://markteffect.nl/nieuws/535/hoe-ai-geldzorgen-en-andere-maatschappelijke-thema-s-de-studiekeuze-van-scholieren-kleuren
[iii] De Looze, M., Kapitein, M., van Dorsselaer, S., Rombouts, M., Baams, L., Geurts, S., de Lange, A., Monshouwer, K., Peeters, M., Schenk, L., van den Eijnden, R., & Stevens, G. (2026). HBSC 2025. Gezondheid en welzijn van jongeren in Nederland. Universiteit Utrecht en Trimbos-instituut. Geraadpleegd via https://hbscnederland.nl/publicaties/rapporten/
[iv] CBS (2026). Vo; leerlingen, onderwijssoort in detail, leerjaar, herkomst. Geraadpleegd via https://opendata.cbs.nl/#/CBS/nl/dataset/85379NED/table?ts=1738588123932
[v] Qompas. (z.d.). Qompas voor de klas. https://voordeklas.qompas.nl/



